Bloembollenteelt biologische bedrijven

Laatste update: 1 juli 2026 Update frequentie: Jaarlijks

In 2025 zijn er weinig biologische bloembollenbedrijven in Nederland

In 2025 zijn er 17 bedrijven met biologisch bloembollen en knollen.

Aantal

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
Er zijn nauwelijks biologische bloembollenbedrijven in Nederland. In 2025 bedraagt dit aantal 17. In 2015 waren het er 10.

Aandeel

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
Van de bedrijven met bloembollen is 1% biologisch in 2025. De gemiddelde omvang van deze bedrijven is relatief kleiner vergeleken met niet-biologische bedrijven, waardoor het aandeel in de oppervlakte 0,25% is. Het aandeel biologische bloembollenbedrijven is sinds 2015 bijna verdubbeld.

Areaal

De grafieken op deze pagina zijn visueel gepresenteerd en zijn niet goed leesbaar met screenreaders.
Grafiek wordt geladen...
De oppervlakte op bedrijven met biologische bloembollen is in 2025 bijna 69 ha. Dit is 0,25% van de totale oppervlakte bloembollen. De oppervlakte is tussen 2024 en 2025 met 5 ha afgenomen. De teelt van de tulpenbol is de belangrijkste teelt wat betreft een afzonderlijke teelt met 16 hectare. De restgroep is in 2025 inmiddels groter (26 hectare).

Over deze indicator

Deze indicator toont informatie over bedrijven met biologische bloembollen en de oppervlakte biologisch geteelde bloembollen naar soort. Het betreft het aantal bedrijven uitgesplitst naar gespecialiseerde en overige bedrijven. Een bedrijf is gespecialiseerd als het aandeel van de betreffende soort in Standaardopbrengst (SO) gemeten meer dan 2/3 van het totaal aantal SO uitmaakt. De oppervlakte wordt uitgedrukt in hectare cultuurgrond. Tot slot wordt de oppervlakte biologisch uitgedrukt als een aandeel in de totale oppervlakte. Deze informatie is gebaseerd op gegevens uit de CBS-Landbouwtelling.

Het gaat daarbij om bedrijven met een Standaardopbrengst (SO) van minimaal € 3.000. De SO van de bedrijven wordt normatief berekend aan de hand van de opgegeven aantallen dieren (peildatum 1 april) en de gewasoppervlakten (peildatum 15 mei). De afbakening van de bedrijven in de Landbouwtelling is in de loop der jaren een aantal keer gewijzigd. Een grote verandering vond plaats in 2016. Vanaf toen zijn alleen bedrijven meegenomen die in het handelsregister staan ingeschreven met een agrarische activiteit (SBI). In de Landbouwtelling zijn ook bedrijven opgenomen die niet hebben gereageerd op het verzoek om de Gecombineerde Opgave in te vullen. De gegevens van die bedrijven zijn door het CBS geschat.